Bel 085 051 6823 (Ma-Vr: 8.30 – 17.30)

Bijscholing

Kennisveld

Piekeren is een vorm van zinloos en doelloos denken. Het is zelfreflectie in een negatieve stemming die het zelfvertrouwen ondermijnt. Piekeraars hebben doemscenario’s bij zaken die ze niét kunnen voorspellen. Piekeren heeft nadelige gevolgen: je maakt jezelf op deze manier alleen maar banger en angstiger. Faalangst en uitstelgedrag is een vorm van piekeren. Weinig zelfvertrouwen, onderpresteren, psychische problematiek, zijn vaak gevolgen van piekeren.

Een derde van de Nederlanders gaat dagelijks ernstig gebukt onder chronisch piekergedrag. Zo erg dat het hun functioneren belemmert. Volgens het DSM classificatiesysteem van psychische stoornissen is piekeren een kernsymptoom van angststoornissen.

Piekeren en onbewuste stress gaan vaak samen, dit heeft gevolgen voor de gezondheid (recent onderzoek van Verkuil toon dit aan).

Denk hierbij aan de onrustgevoelens die vaak samengaan met lichamelijke stress (pijn in de schouders, rommelende darmen, wazig zien) en psychologische klachten (slechte concentratie, piekeren, angst, somber, onrust, vermoeidheid en slapeloosheid). Goed om bij stil te staan: Er wordt veel gepiekerd bij relatieproblemen, werk gerelateerde problemen, levensfasen-overgangen, maar ook kinderen en ouderen piekeren.

Piekeren is een maatschappelijk probleem met vergaande gevolgen. Nolen-Hoeksema (1991) toonde een interactie tussen piekeren en negatieve gedachten aan. Piekeren is gerelateerd aan burn-out, depressie, angststoornissen, eetstoornissen, verslavingen en automutilatie (Nolen-Hoeksema, Wisco & Lyubomirsky, 2008). Bovenstaande factoren maken dat piekeren veel leed veroorzaakt en maatschappelijk voor problemen en bijbehorende kosten zorgt.

Kennisoverdracht

Via een interactieve bijscholing gaan we aan de slag met de KEUZE methode, beschreven in het boek: ‘Noot meer piekeren’.

De deelnemers ontvangen de eerste bijscholingsdag het boek: ‘Nooit meer piekeren’.

Via praktijkvoorbeelden, adequate werkvormen, theorie en nieuwste wetenschappelijke inzichten, maar vooral door zelf oefenen en ervaren. Hiervoor worden hand-outs, de gratis online anti piekercursus en mindfulness bestanden uitgereikt. Je kunt gelijk in je praktijk aan de slag met de cliënt.

Leerdoelen
  • Specifieke kennis over piekeren en piekergedrag
  • Inzicht in het ontstaan van piekergedrag
  • Effectieve coping-strategieën
  • Praktische vaardigheden stress- reductie
  • In standhoudende factoren herkennen
  • De rol van faalangst en HSP
  • Terugvalpreventie
Anti Pieker Bijscholing
NiveauStudie belastingGroepPrijs
HBO / WO2 dagen12 deelnemers€445 (incl BTW)
Incl.: koffie, thee en lunchAantal pe puntenNFGABvC: 12
RESERVEER
Praktisch
  • Terugvalpreventie Innerlijke criticus herkennen en ontmaskeren
  • Afrekenen met uitstelgedrag
  • Omgaan met faalangst
  • HSP leren omgaan met symptomen
  • Verminderen van burnout-klachten
  • Afleren van niet helpende (slechte) gewoonten
  • Omgaan met stemmingsklachten
DocentDrs. Marleen Derks (https://piekerpoli.nl/over-de-piekerpoli/oprichter-marleen-derks/)
CursusdagenLocatie
vr 17 apr.vr 8 meiVOL
za 6 jun.za 13 jun.VOL
za 12 sep.za 26 sep.’t Dorpshuus Hoenderloo
vr 6 nov.vr 20 nov.’t Dorpshuus Hoenderloo

Literatuur

Deelnemers van de anti pieker-bijscholing ontvangen tijdens de eerste dag het boek: Nooit meer piekeren. Drs. Marleen Derks deed wetenschappelijk onderzoek naar piekergedrag en schreef vervolgens haar boek: ‘Nooit meer piekeren’.

De handouts, worden tevens tijdens de training uitgereikt

Literatuur anti pieker bijscholing

Brosschot, J. F., Gerin, W., & Thayer, J. F. (2006). The perseverative cognition hypothesis: A review of worry, prolonged stress-related physiological activation, and health. Journal of psychosomatic research, 60(2), 113-124.

Carver, C.S., & Scheier, M.F. (1998). On the self-regulation of behavior. Cambridge, UK: Cambridge University Press.

Crane, C., Barnhofer, T., Hargus, E., Amarasinghe, M., & Winder, R. (2010). The relationship between dis-positional mindfulness and conditional goal setting in depressed patients.

British Journal of Clinical Psychology, 49. 281-290.

Hakanen, J.J., Bakker, A.B., & Schaufeli, W.B. (2006). Burnout and work engagement among teachers. Journal of School Psychology, 43, 495–513.

Hayes, S. C., Luoma, J. B., Bond, F. W., Masuda, A., & Lillis, J. (2006). Acceptance and commitment therapy: Model, processes and outcomes. Behaviour research and therapy, 44(1), 1-25.

Maslach, C., & Leiter, M. P. (2006). Reversing Burnout. Stanford social innovation review, 43-49.

Mongrain, M., & Anselmo-Matthews, T. (2012). Do positive psychology exercises work? A replication of Seligman et al.(). Journal of clinical psychology, 68(4).

Niessen, C., Volmer, J. (2010). Adaptation to increased work autonomy: The role of task reflection. European journal of word and organizational psychology, 19, 442-460.

Nolen-Hoeksema, S., Wisco, B. E., & Lyubomirsky, S. (2008). Rethinking Rumination. Association for Psychological Science, 5, 400-424.

Seligman, M. E., & Csikszentmihalyi, M. (2014). Positive psychology: An introduction. In Flow and the foundations of positive psychology (pp. 279-298). Springer, Dordrecht.

Seligman, M. E. (2004). Authentic happiness: Using the new positive psychology to realize your potential for lasting fulfillment. Simon and Schuster.

Stone, H., & Stone, S. (2011). Embracing ourselves: The voice dialogue manual. New World Library.

Trapnell, P.D. & Campbell, J.D. (1999). Private self-consciousness and the Five-Factor Model of Personality: Distinguishing rumination from reflection. Journal of Personality and Social Psychology, 76, 284-304.

Verkuil, B., & Brosschot, J. F. (2016). Piekeren en rumineren en fysieke gezondheid: Een meta-analyse. Directieve Therapie, 36, 2.